Ontregelende innovatie met een klap

Big bang disruption noemen ze het. Het is de titel van een boek dat Paul Nunes en Larry Downes schreven. Niet dat ik het las. Het is nog niet uitgebracht. Dat gebeurt op 7 januari volgend jaar, over tweeëneenhalve week dus. Om de verkoop te stimuleren, schrijven ze wel over hun bevindingen, zoals in Content Loop.

Voordat je me vraagt wat ik van dat voorproefje vind: het lijkt me een leuk en lezenswaardig boek, en tegelijk het zoveelste waarin casuïstiek wordt gebruikt als bewijs. Da’s blijkbaar een steeds meer geaccepteerde manier van redeneren. Ik wil wel bekennen dat ik, alhoewel dol op beeldende betogen, inmiddels wel een schreeuwende behoefte heb aan een steviger plaatsing. Al die ‘nieuwe wetenschap’ lijkt meer op wetenschapsjournalistiek, een vak apart.

Het artikel is een voorbeeld daarvan: goed leesbaar, informatief, maar een belangrijke vraag niet beantwoordend. Denk ik.

Het Internet of Things (IoT) is een begrip wat je inmiddels moet kennen of minstens gehóórd. Het is de situatie waarin apparaten zonder tussenkomst van mensen met elkaar communiceren. Nunes en Downes betogen dat, na een langzame start, die ontwikkeling nu rap sneller gaat. Verklaring daarvoor is het goedkoper, kleiner, sneller en meer beschikbaar worden van componenten. Dat is de Big Bang Disruption. Hieronder de casus Verdigris.

While many IoT applications are still several generations of technology improvement away, the next major disruptor is already massing at the borders: making homes and offices intelligent and networked. We’re entering the age of the connected building.

Early market experiments have already begun, some of them with the potential of Big Bang Disruption. Appliances, sockets and switches are being upgraded with sensors and antenna, making it possible to collect vast information about the performance and energy usage of device that draws power.

Once collected, that information can be sliced and diced to improve energy efficiency, building maintenance, security, and future product design.

The connected building will obviously disrupt real estate developers and property managers, as well as manufacturers of appliances and lighting fixtures. But the impact of having near-perfect information on the performance of so many “dumb” (and often expensive) pieces of infrastructure could reach far beyond the obvious–and deeply into the energy sector.

Tot dan denk je vast: “Mooi toch? Dit gaat leiden tot veel betere woon- en werkomgevingen. En tot milieu-besparingseffecten. Wie kan daar tegen zijn?”.

Laat dan even dít citaat bezinken:

Once the information has been collected, the company has developed analytics to make sense of the mountains of information generated by the building’s devices. Right now, the system can recommend changes to facility maintenance schedules, and to the operation of internal systems including lighting, HVAC, ice makers, electrical vehicle chargers and space heaters.
(…)
In the future, the company hopes to “push information back to automate simple things like thermostats, light timers, PCs and other ‘smart’ devices,” (…).

Ik vermoed dat ook jij een gruwelijke hekel hebt aan een huisbaas die bepaalt hoe warm jouw huis- of slaapkamer zal zijn. Of dat de buurman dat bepaalt. Of een algoritme. Dat is wel de werkelijkheid die ontstaat: het genetwerkte huis wórdt beheerd, op basis van referentiepunten. Hoe, en door wie, worden die bepaald?

Precies dát is wat ik bij veel techno-missionarissen mis: de reflectie op de duistere kant. Feitelijk neemt de technologie autonomie weg. De kans is meer dan groot dat ons leefklimaat wordt gespiegeld aan ‘gemiddelden’. De koukleum én de hittepetit zullen beide een probleem krijgen. Als uitbijters lopen ze kans het of te koud of te warm te hebben: het gemiddelde houdt met hen immers geen rekening.

Het lijkt zo anti-technologie. Het lijkt zo reactionair. Dat is niet de bedoeling. Wel is het de bedoeling alertheid te stimuleren. Je zal over enkele decennia tot de ontdekking komen dat het licht om 22.00 uur uit gaat. Het volstaat niet om, als weerwoord, te beweren dat dat draconische beelden zijn en dat dit juist níet de bedoeling is. ‘We’ zouden geen databestanden koppelen. ‘We’ zouden het SOFInummer niet anders gebruiken dan als sociaal-fiscaal nummer. ‘We’ zouden niet zonder aanleiding afluisteren en bespieden.

Verdigris is just one of dozens, perhaps hundreds of companies working on real-world solutions for connected building products and services. Once the price and performance of the technology gets cheap enough for mass deployment, these early experiments will quickly turn into rapid and widespread adoption. From smart buildings to smart grids, the transformation of energy may come, to paraphrase Ernest Hemingway, gradually and then suddenly.

We call that adoption model “catastrophic success.” Whether you’re a building manager, an energy provider, or just a tenant, if you aren’t paying attention to these developments now, in other words, it is going to be too late when the disruptors get the formula right and go mainstream.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s