Gehandicapt is en blijft gehándicapt

Na maanden heb ik me dan ook maar aangemeld voor de emailservice van m’n apotheek. Als m’n recept-bestelling klaar is, krijg ik een email. Dat klopt. Ik kreeg een email met een acht cijfers groot getal. Acht! En de zin “Wij proberen u dan zo spoedig mogelijk te helpen.” Dan moet je net bij mij zijn. Persoonlijk vind ik het niet zo vertrouwenwekkend. Die cijfers moet ik weer opschrijven en ‘proberen’?!

Naar aanleiding daarvan merkte op twitter Joke van Rooden (@levenmetrp) op dat dat voor blinden helemaal geen vooruitgang is. Hoe lees je die code? Daarvoor zijn wel voorleesprogramma’s voorhanden, maar de essentie was wel duidelijk. Weer een stap richting exclusie. Mij deed het in elk geval terugdenken aan de tijd dat ik me bezig hield met toegankelijkheid. Toen had ik geen blog, maar wel een mening.

Dit is ‘m.

In feite is het streven naar een gelijkwaardige positie van gehandicapten een foute. Wat gebeurt, is dat de facto wordt ontkénd dat sprake is van een handicap, een achterstelling, een gebrek. Of zoals ik Joke tweette: het ontkent dat voor hen de wereld een principieel ándere is. Sterker, het leidt tot steeds mínder begrip voor handicaps.

Voordat je in woede ontploft: ik was niet van plan te pleiten voor een ‘laat de gehandicapte de gehandicapte zijn, buiten de samenleving’. Zeker niet. Maar ik wil wél dat handicaps seriéus worden genomen. En dat wíj onze verantwoordelijkheid nemen voor een sámenleving.

Wat zich sinds een jaar of twintig ontwikkelt – toevalligerwijs gestart vlak nadat de Amerikanen hun Disabilities Act (ADA) invoeren – is een groeiende inzet op het volwaardig laten deelnemen van gehandicapten aan het maatschappelijk verkeer. Begonnen we met de toegang tot het OV – knielende bussen en lullige rijplanken bij treinen -, daarna kwamen de openbare gebouwen waar trappen not done werden verklaard, en weer later de toegang tot de digitale wereld waar Drempels Weg – iedere keer weer nieuwe keiharde deadlines aanleggend – zich beijverd voor toegankelijke websites.

Inmiddels is er veel beschikbaar. En, zegt de cynicus, veel niet, want overheden blíjven achterlopen op hun eigen vrome beloften. Maar wat belangrijker is: wat doen we eigenlijk? We zetten stappen om daarna, op den duur, te kunnen stellen dat iemand die zich nu nog niet zelfstandig redt met al die voorzieningen zélf een probleem heeft. De handicap is tot een individuele tekortkoming gereduceerd. Dat is niet erg, dat is schandalig omdat dan (dus) dat individu, als dat kan, búiten de samenleving wordt geplaatst. Net zoals het taalgebruik over ‘overwinnen van ziektes (en tegenslag)’ daardoor impliciet het individu aanspreekt.

4.0.1

Dat ‘weg-technologiseren’ van problemen is uiteindelijk niet anders dan ‘onder het vloerkleed vegen’, wegmoffelen. Het is de hoogste tijd dat de samenleving zich weer realiseert dat een gehandicapte ge-han-di-capt is, belemmerd, beperkt en dat dat betekent dat wíj moeten helpen en rekening houden. En dat, lezer, is dus principieel anders dan dat we de gehandicapte instrumenten aanreiken om zichzelf te redden. De drenkeling een eenvoudige reddingsboei toewerpen ‘en verder red je het wel, hè?’.

Gehandicapten zijn niet per definitie zielig, noch zijn ze ‘normaal’. Van de gehandicapte mensen die ik ken(de), weet ik dat ze helemaal niet willen worden behandeld als een exoot (of als een klein kind). Maar ook is duidelijk dat er wel hulp nódig is. Die zit niet per sé in hulpmiddelen. Die zit in de vorm waarin je hulp aanbiedt. Dat kán techniek zijn, maar ontwijk wel de val te denken dat daarmee alles wordt opgelost. Eén ding staat namelijk vast: de handicap wordt voorlopig niet weggenomen. Pas als de overdrachtelijke lamme loopt, blinde ziet en dove hoort nemen ze volwaardig deel aan een samenleving.

 

 

Zeuren!

De samenvatting: ik hoop van harte dat er veeeeeeel meer mensen gaan ‘zeuren’.

‘Stop met zeuren. Ga hardlopen’. Een poster met die strekking hangt in de kleedkamer. Het blijkt die overdrachtelijke druppel te zijn voor mij. Hoezo, zéuren? Dat woord komt me de keel uit. Het wordt mij veel te veel gebruikt.

Zeuren doen kinderen (en politici ook wel), eigenlijk is zeuren niets anders dan drammen, dóórdrammen. Het woord zeuren heeft niet voor niets een negatieve connotatie. Iemand van zeuren betichten, is een goede manier om iemand ‘weg te zetten’; als klein kind, als negatieveling, als vervelend.

Die aanpak zie ik geregeld. Maar wat er zo ongelooflijk fóut aan is, is dat iedere criticaster wordt neergezet als een zeur. Zoek maar eens op Twitter (met de voorwaarde: taal=NL) op het woord ‘zeur’. In veel van de gevallen wordt ‘zeur’ gebruikt als discussiestopper

  • Wat is en blijft Pechtold toch een zeur! Weinig inhoudelijke bijdrage en snapt niets van dubbele paspoorten toestanden.
  • wat zeur je dan? je hebt nog steeds een keuze.
  •  Nee, ik zeur ook niet of wel. Geef alleen mn mening?:)
  • Het was een livestream; Als je internet hebt, kon je dus gewoon kijken. Wat zeur je nou man?

Meestens wordt het woord gebruikt als alternatief voor ‘klagen’. Maar het gaat mij nu om zoiets als dat derde citaat: zeuren = eigen mening geven.

ppywwfetgs-8

Het is een plaag die in het Nederlands rondwaart, mogelijk zelfs in Nederlánd: het manipuleren. Uiteraard hebben ‘we’ er een eufemisme voor (en anders in elk geval een uitweg door te beweren dat buitenlanden dit uitvonden): framing. Ik wil best bekennen dat ik het lafhartig taalgebruik vind. Noem het beestje bij de naam: je manipuleert. Het heeft ook onkiese trekken van het op de man spelen, de ad hominem drogreden.

Dát is wat mij zo dwarszit. Als je er eenmaal op gaat letten, zie je ze veel: kromme redeneringen, waarin drogredenen een centrale rol spelen. Soms onbedoeld omdat de spreker het zelf niet doorheeft. Ik denk dat ik me er zelf ook wel aan bezondig. Maar de echt storende zijn die welke bewust worden gebruikt, om de ander te beschadigen. Dan wordt de ‘zeur’ niet een ‘zeur, die herhaald over hetzelfde begint’, maar een tegenstander die mogelijk een pijnlijk punt aanstipt en die op deze manier wordt geframed.

Dát is de reden dat ik hoop dat er veeeeel meer wordt gezeurd. Dat mensen zich uitspreken en zich niet direct laten belemmeren door gevoelens van een persoonlijke aanval als ze worden afgeschilderd als ‘zeur’. Laat het je sterker maken. Je opponent verzwakt en moet z’n toevlucht nemen tot zwaktebiedingen. Je wint. Zeur door!