Baas van een zinkend schip

Het is een raar soort: bazen. De meeste willen zo niet genoemd worden. Hun voorkeur heeft een langer woord, liefst in het engels en nietszeggend. CEO, chief executive officer: is toch lachen? In de cowboyverhalen is de chief het indianenopperhoofd. Maar dat bedoelen de CEO’s vast niet.

Toch is wel handig voor mij. Ik wilde het namelijk hebben over dat ‘executive’ van bazen. Over dat ‘uitvoerend’. Dat is namelijk iets waar ze – zo is mijn indruk – een vreemde verhouding mee hebben.

Het is een prototype van zo’n baasje waarmee kinderen worden aangeduid die de baas willen spelen. Van die kinderen die alles beter weten, haantje de voorste zijn, betwetertjes. Misschien is dat ook een reden waarom bazen niet graag baas worden genoemd; dan is de stap klein naar ‘baasje’, naar de kinder-dictatortjes. Een belangrijke terzijde: zoals psychopaten aardig kunnen worden gevonden, zo kunnen ook bazen heel aardig zijn. Een baas kan dus best een prettig mens zijn in de omgang.

Er is echter een ondersoort, een slag dat lastiger is. Dat zijn van die bazen die geregeld de indruk wekken ‘eigenlijk zelf alles beter te kunnen’. Dát soort. Het is een soort dat zich als een zwam verspreidt. Alsof het verkrijgen van de functie ‘directeur’ voldoende reden is. Het lijkt zelfs alsof die mensen werkelijk geloven dat er een personeelspiramide bestaat waarin zij aan de top staan. Heel  vreemd. Want we weten toch allang dat er verschillende systemen door elkaar een rol spelen binnen een bedrijf? En dat de informele leiders binnen een (bedrijfs)structuur bepalender zijn dan de formele?

Typerend voor dit soort is hun valvermogen. Ik heb het meegemaakt; dat zo iemand beweert dat ‘hij dat klusje binnen 2-3 dagen kan doen’ om dan na drie maanden én na zes maanden nog steeds niets heeft. Dat was overigens een dure les voor mij, want de mensen die ík had ingeschakeld waren mensen van naam en faam die me later, ongelogen, nog vroegen ‘wat voor man het eigenlijk is, alsof-i niet snapte waarover het ging’. Een keiharde val, zonder gevolgen. En dat keer op keer, bij verschillende mensen: het béter weten.

CEO-Cartoon-final

Het principe is iedere keer hetzelfde. Men neemt als baas personeel aan en affronteert hen door hun kennis ter discussie te stellen. Het baasje van vroeger is nooit volwassen geworden. Wat hij nooit meekreeg, is dat zijn gedrag ongepast is. De industrialisatie maakte dat directeuren grote lijnen uitzetten en op hun vaklieden vertrouwden. Het is zeker niet vanzelfsprekend dat iedere directeur ook vak-deskundig was. Daar had hij zijn ingenieurs voor. Maar met de komst van de diensteneconomie ontstond ook de indruk alsof iedereen overal verstand van heeft. En dús verslikte de ene na de andere directeur zich in zichzelf.

Het is echt een probleem, maar zo zichtbaar en groot dat het niet meer wordt gezien. Nederland lijdt onder baasjes, onder managers en directeuren die anderen geen ruimte bieden en ook geen zelfkennis noch rem kennen. Vandaar het ‘ik herken dat niet’ in reactie op voorstellen. Vandaar dat niet kunnen delegeren of loslaten. Vandaar de foute inschattingen omdat we het allemaal o zo goed weten.

Jammer als je voor zo iemand werkt en mee ten onder gaat. Want ten onder gáát het als je jezelf kloont, tunnelvisie zoekt en op meelopers selecteert.

 

 

 

 

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s