Golven in de stad

Een stad is een mateloos interessant fenomeen, vooral omdat het een concentratie van mensen is. Zonder mensen is een stad werkelijk niets waard. Zelfs een spookstad of een archeologische ruïne ontleent z’n aantrekkingskracht aan de mensen die hem bouwden en er woonden. Dat is wat we willen weten: wie woonden er in die gebouwen, en hoe? Maar een stad is een gelaagde omgeving doordat er mensen leven. Dat maakt een levende stad zo mooi. Ik ben bijvoorbeeld dol op steden als Istanbul. Niet alleen vanwege de gebouwen, of de ontmoeting Oost-West over de Bosporus. Vooral ook vanwege het leven in de stad: de straathandel, de verkopers van geroosterde sardines, de gepofte aardappel uit het handje, de stampvolle trams, de met rijst gevulde reuze mosselen, de mensen.

Overal is geluid, geur, gedoe. Leven.

Een stad zonder mensen, een stad zonder leven: niks. Ik heb dan ook al vaker gepleit voor een (toeristisch aantrekkelijk) beleid dat is gebaseerd op levendigheid. Toeristen langs prachtige gevels, door stokoude wijken en over bejubelde grachten laten wandelen, heeft geen enkele beklijvende waarde die het bekijken van prentbriefkaarten te boven gaat. Een lévende omgeving doet dat juist wel. Verras: laat varkens rondscharrelen in parken en op pleinen (waar dat enigszins kan). Beleef: gebruikt tast-, geur- en smaakzin, begin als gemeente een bedrijf dat straatverkopers in dienst heeft. De gepofte kastanje, de gevulde aardappel, de gekarameliseerde appel op een stokje, ijsjes, meloen en appel; straat-eten. Leef: het beeld dat blijft hangen, is dat van een stad die leeft. Een stad waar vertier en ambachten zijn te vinden.

Even: dat is dus niet hetzelfde als een openlucht museum. Zeker niet. Het is het zoeken en stimuleren van stráátbedrijvigheid.

Dit stuk had de werktitel ‘de stilte van de stad’. Leiden leeft niet. De grote stedelijke trekkers doen juist dát wel. Er is overal en altijd geluid, beweging en geur. Leiden is stil. Té stil. Zoals die kleine Zuid-Europese dorpen en steden waar de toeristenwinkels open zijn, maar de winkelier niets te doen heeft en de straat in de gaten hangt te houden. Zo’n lamlendige sfeer van óngezelligheid (en vaak dodelijke hitte).

Als je op verschillende momenten door Leiden gaat, kun je iets bijzonders merken. De stad golft, en hoe. Die golven laten wel andere indrukken van Leiden achter, afhankelijk van de golffase. Kantoorwerkers bevinden zich in een heel andere golf dan scholieren dan bouwvakkers dan vrijgevestigden dan toeristen. Zeker de kantoorwerkers kunnen heel makkelijk een andere stad Leiden ervaren.

Overdag is Leiden stil. Echt stil. Natuurlijk beweegt er het een en ander, rijden er vrachtauto’s, en fietsen er fietsers. Maar het is stukken stiller dan tijdens de Grote Bewegingen ’s ochtends en ’s middags, op weg naar en van werk. Dan lijkt de stad te leven; zijn er mensen die zich van A naar B bewegen, mensen die boodschappen moeten doen, is het drukker op straat, is er meer geluid van mensen en verkeer, en begint de stad te geuren naar voedsel. Dan lijkt Leiden op een aantrekkelijke bestemming waar iets te doen is, die leeft en bruist. Dat is een subjectieve ervaring, maar het soundscape van de stad is wél belangrijk voor de beleving. Overdag en ’s avonds is dat geluidsbeeld heel anders.

Ik kan me nog steeds vergapen aan al die verschillende versies van Leiden. De stad in de heel vroege ochtend, de slaap uit de ogen wrijvend. De stad tijdens de piekbewegingen, rusteloos en geërgerd door de verschillende snelheden. De stad overdag, het domein van functioneel gedrag op het werk, voor het werk op straat, huismensen die boodschappen doen, scholieren die scholen. De stad ’s avonds, een beetje onwerkelijk in het griezellelijke natriumgele stadslicht, een eenzame passant. De stad ’s nachts, nog stiller, alhoewel. Fasen, golven, gezichten.

One thought on “Golven in de stad

  1. Mooi en mee eens!! Trouwens, ik heb als student in het centrum van Leiden gewoond, tegenover de bieb en daar beleef je de stad ook héél anders dan wanneer je in de buitenwijken woont. Het leeft dat méér, het is een plek waar mensen zich concentreren. Zette ik een voet buiten de deur op de sfeervolle kinderkopjes, dan voelde ik me echt in het volle leven en één met de stad. Maar hoe verder ik weg fietste hoe eenzamer ik me voelde. Geen rôring.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s