Verklaring

Waarom de blogposts onregelmatiger verschijnen? Geen zin of inspiratie meer? Het zijn vragen die ik soms krijg.

Maar nee. Beide verklaringen kloppen niet. Nog steeds vind ik het heerlijk om te schrijven. Voor mij is dat dé ontdekking van de afgelopen drie jaar. En inspiratie, in de betekenis van onderwerpen, is er zat. Wat dat betreft, heb ik voor mezelf wel bewezen dat er iedere dag genoeg gebeurt om “Me dunkt…” van of over te denken. Natuurlijk, de ene dag staan de antennes wat opener dan op andere. Chagrijnig, moe, verdrietig, onbestemd humeurig; het hoort er allemaal bij en het blokkeert meteen je waarneming.

Dat is wel iets voor alle werkenden. Je zult als werkende, zeker die in loondienst, extra bewust moeten zijn, moeten investéren in waarnemen. Dat is echt waar. Waarschijnlijk zul je me niet geloven. Maar ooit, als je meer tijd voor jezelf krijgt, zul je het hopelijk wel mérken. Dat werken zo verschrikkelijk veel menselijks blokkeert dat het eigenlijk vanuit dat perspectief bezien verboden zou moeten worden als ‘slecht voor de menselijkheid’.

Maar de belangrijkste reden is dat er even niet veel tijd is om te schrijven. Deels komt dat doordat ik elders veel schrijf en daardoor stomweg in tijdnood kom. Maar de belangrijkste reden is dat de mantelzorg momenteel veel tijd opslokt. Het frappante – wat ik zelf eigenlijk nooit had vóórspeld – is dat het niet zozeer de zorghandelingen zelf zijn. Mijn broers en zus wonen dichterbij mijn moeder en komen daardoor vaker dan ik. Maar da’s voor mij helemaal geen onderwerp. De reden ligt veel meer in dat heel vage emotionele belasting: je denkt.

We hebben er nu twee in zorg. Mijn moeder dus en mijn schoonmoeder. De eerste woont dan wel in een verzorgingshuis in een verpleeghuissituatie – en ja, dat is inderdaad zo vreemd als het klinkt – maar hoort slecht, ziet slecht, spreekt nog maar een paar woorden en is immobiel. Mijn idee van leven is het niet, maar zolang ik geen razend paniek in haar blik zie, kan zij er blijkbaar mee omgaan. Knap, heel knap voor een 94jarige. Maar misschien vergis ik me. Ze lacht heel vaak. Voor ons, de kinderen, betekent dat dat ze niet ongelukkig is. Mijn analytische Ik schreeuwt dan: ‘O, en waarom zou dat waar zijn? Wie zegt je dat die lach niet oppervlakkig is?’.

Het is lastig. Je moet je proberen voor te stellen dat je naast iemand zit die wel woorden zegt. Vaker dezelfde; zeer zelden zinnen. Dan stopt. Je aankijkt en zegt “hè?!”. Alsof een vreemde iets zei. Alsof ze wéét dat ze iets zegt wat ze niet in haar hoofd vormde.

Mijn schoonmoeder is een stuk eenvoudiger belasting. Die is stokdoof, ziet niets, en ligt in het ziekenhuis. Naast dat ze praat en nog steeds een helder stel hersens heeft, is haar last een fysieke. Een ruime week geleden werd ze met spoed opgenomen in het ziekenhuis. Vanwege hoge koorts verdacht van longontsteking. Een 97jarige laat je geen ingrijpende onderzoeken meer ondergaan en dan is de strategie ‘doen alsof’ een logische. In het ziekenhuis stelde een arts voor toch een echoscopie te maken omdat “die misschien meer duidelijkheid zou verschaffen”. Want die longontsteking was toch niet zó duidelijk. De echo leverde op dat er geen longontsteking is, maar wel een grote galsteen. De effecten daarvan pasten naadloos op de klachten. Lang verhaal kort: de galsteen is niet-invasief verwijderd en schoonmoeder lijkt per uur op te knappen.

Maar het gedoe voordat…

Voor thuiszorger ben ik vast niet in de wieg gelegd, want ik heb me verbaasd over het gebrek aan initiatief. Dat je ’s avonds wordt gebed “dat mevrouw de noodknop heeft gebruikt. Ik ben er nu. Ze heeft 39.2 graden koorts. Maar wat moet ik nu?”. En da’s echt bijna woordelijk, hoor. Een huisarts bellen misschien? Na wat druk dat te doen, is er die zondagavond een ambulance-arts gekomen. Die achtte opname “voor de zekerheid” geen luxe, maar liet de beslissing aan de kinderen. Goed, da’s dan dus een hoop gebel. Maar eind van dát liedje is dat schoonmoeder ’s avonds laat is opgenomen.

Het is die houding van de hulpgevenden die me zorgen baart. Best dat we allemaal langer thuis moeten blijven, zo lang als ze willen – ach, sorry, zo lang als we zélf willen uiteraard. Maar dan zal er toch echt een realistische en adequate ondersteuning moeten zijn. Want van die twijfelachtige telefoontjes word de mantelzorger/familie alleen maar extra nerveus, extra belast.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s