Ironie die onderweg kwetsend wordt

Misschien snappen we het toch nog niet.

Je moet het zelf een keer hebben meegemaakt, anders snap je een deel van deze blogpost niet, vermoed ik. Het is een situatie waarin je iemand bejegende op een manier waarin jíj geen kwaad zag en de ander zich toch op z’n pik getrapt voelde. ‘Sorry, maar zó bedoelde ik het niet. Even goede vrienden?’ Storingen. Misverstanden.

De hele toestand rond de Islam doet me steeds meer denken aan dit soort van situaties. Let wel, ik ga nu twee groepen onderscheiden: gelovigen en mensen die een geloof gebruiken voor eigen doelen. Die laatste kan best een deelverzameling zijn van de eerste, maar steeds vaker betwijfel ik dat vanwege het gedrag van die laatste groep. Agressief gedrag heeft blijkbaar altijd een reden, een dekmantel nodig. Of het nu respect is, verkeerde manier van kijken, geldgebrek, ‘verkeerde’ seksualiteit, of een ‘verkeerd’ geloof; potenrammers, zinloos geweldplegers, straatrovers en moordenaars verschuilen zich erachter. Of het nu RAFleden zijn, 100% blanke potenrammers in het Haagse Bos, Belgische kereltjes die willekeurige uitgaanders in elkaar schoppen of godsdienstterroristen: ze hebben allemaal een excuus voor hun wandaden.

Het is jammer dat we die uitvluchten zo serieus zijn gaan nemen. Natuurlijk is het belangrijk te snappen wat mensen brengt tot deze daden. Daarvoor is er ook onderzoek om te snappen. Jammer is dat dat onderzoek wordt omgedraaid en misbruikt. Waar we termen als hospitaliseren, medicaliseren en juridiseren al lang kennen om aan te geven dat mensen zich als patiënt gáán gedragen en problemen wórden gemaakt, kennen we geen term voor dit ‘verklariseren’. Het klopt dat slecht of een tekort aan onderwijs tot dit soort intolerantie kan leiden, dat een lage sociaal-economische status – weinig geld, lage opleiding en/of geen werk – dat ook doet; maar dat geldt voor gróepen en kan slecht in individuele gevallen worden gehanteerd. Dan gelden alleen de individuele overwegingen en kun je niet met goed fatsoen volhouden dat je handelde ‘vanwege je gedepriveerde jeugd’.

Moordenaars zijn moordenaars, en daarna pas iets anders.

Toch is er iets waarvan ik steeds vind dat we er wellicht overheen kijken. Dat we, onbewust, toch kwetsen.

Ik moest verleden week naar de Leidse versie van de betoging tegen intolerantie, naar aanleiding van de moordpartijen in Frankrijk. Wat me opviel, is dat het een bijna volledige ‘westerse’ aangelegenheid was: blanke mensen, een enkele uitzondering daargelaten. Pas dagen later deed een zoveelste ingezonden brief me denken aan een verklaring: dat de moslimgemeenschap in Leiden zich wel degelijk gekrenkt voelde door spotprenten. Dat stelt je als moslim dan voor een dilemma. Gaan, omdat je woedend bent over de moorden en de intolerantie, betekent ook dat je achter de stelling staat dat ook jouw geloof moet kunnen worden geridiculiseerd. Dus ga je niet. En concludeert de rest dat je het dus niet met hén oneens bent. Dat niet iedereen die twee gevoelens in één borst kan verenigen, wordt overgeslagen.

Ik denk dat we het dus nog niet goed vatten, hoe ironie soms onderweg kan veranderen in een nare belediging.

De ellende, vind ik, is dat er daarna iets ingewikkelds gebeurd. De agressieve groep claimt de héle groep: wij handelen uit naam van…. Niet dat ze dat ooit is gevraagd. Het is immers een verklarisering: een gezochte, gefabriekte reden. Dat is één. Ellendiger is dat die opstelling leidt tot een vijandsbeeld en dat die ‘vijand’ goed herkenbaar is voor velen, aan de afwijkende huiskleur en het afwijkend taalgebruik. Alsof alle Scheveningers plots in staat zijn mensen van een dak af te gooien. Of dat in alle uitgaansgebieden agressie normaal is. Alsof, hier in de buurt, alle Katwijkers streng in het geloof zijn en echt níets doen op zondag anders dan ter kerke gaan (en eens per jaar met Pasen een jongerenveldslag knokten tegen Rijnsburg).

Van al die voorbeelden denk je meteen: wat een onzin, niet iedereen doet wat een minderheid wel doet. En toch. Die extreme moslims zijn andersgekleurd. Islamiet ben je ‘dus’als je een bepaalde huiskleur hebt. Dat er blanke islamieten bestaan, zien we over het hoofd. Donker=verdacht. De relatie is omgedraaid en ‘de vijand’ is ineens zichtbaar. En als die andersgekleurde Nederlander dan ook nog eens níet opdaagt bij protesten – om heel andere redenen dan je wellicht denkt – dan is de zaak zonneklaar. Toch?

Nee. Misschien hebben wij dan toch van al die gewone Nederlanders niet helemaal begrepen wat ze voelen.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s