Feiten en meningen

Als ik een ontwikkeling zou mogen aanwijzen waarvan ik denk dat-i slecht uitpakt, dan is ‘t, denk ik, deze: de strijd van feiten en meningen.

Een heel groot goed in iedere groep is het gesprek, de dialoog. Daarmee wisselen we gezichtspunten, opinies en meningen uit. Luisteren is een vaardigheid die daarbij hoort. Luisteren is niet hetzelfde als aanhoren. Luisteren betekent proberen te begríjpen wat iemand nastreeft. Luisteren is een actief proces; niet alleen tweerichtingsverkeer, ook het eigen standpunt toetsend.

Je gelijk halen?!

Da’s dus m’n probleem. Dat opgeklopte je gelijk halen. Het lijkt wel een persoonlijk beetje sterven als je géén gelijk krijgt.

De afgelopen decennia woekerde het gelijk hebben als een houtzwam ons leven binnen. De basis is, denk ik, de vermeende kracht van feiten. Overgewaaid uit de wereld der exacte wetenschappen wordt nu ook het sociale domein erdoor bedreigd: het idiote idee dat er daar keiharde feiten bestaan die iemands gelijk ‘bewijzen’.

Een sociale kwestie heeft vooral baat bij de discussie. Dat mag je ook discours noemen, als je er per sé een high brow sausje overheen wilt schenken. Het gaat om het geheel. Nog mooier is dat de term ook meteen duidelijk maakt dat het proces centraal staat. Niet het gelijk, want er is constante verandering.

Nederland wordt geteisterd door feitenbrij. Niemand neemt nog stelling, anders dan ‘gebaseerd op onderzoek en cijfers’.

Daarmee wordt ieder gesprek doodgeknuppeld.

Het gebruik van ‘feiten’ werkt averechts. Het enige effect? “Het ís nu eenmaal zo. Je ziet de feiten toch?” Daar kun je andere ‘feiten’ tegenover zetten. Waarna de discussie bijna zeker overspringt op de methodologie. Over de inhoud gaat het in elk geval níet meer. Dát is wat ‘feiten’ in het sociale domein doen.

Veel interessanter zijn de meningen. Die zijn níet of minder gebaseerd op ‘feiten’. Meningen zijn vooral gebaseerd op wereldbeelden en argumenten. En inderdaad: argumenten zijn echt iets anders dan feiten. Over meningen kun en moet je kunnen twisten.

In tegenstelling tot ‘feiten’ kijken meningen naar voren. ‘Feiten’ zijn een teken van een conservatieve geest. Ze kunnen immers alleen dat wat is in kaart brengen, de status quo. En onmiddellijk is duidelijk waarom die ‘feiten’ zo populair zijn in bepaalde kringen. Toch? Jij weet nu hoe je een behoudende geest herkent. Ook bij jóuw baas? Die zijn namelijk zelden vooruitstrevend.

Dan liever dus meningen. In tegenstelling tot het denksysteem van ‘feiten’, dat gesloten is en meent dat er werkelijk objectieve ‘doelen’ bestaan, gaat het denksysteem van meningen uit van dynamiek. Dat past veel beter in onze echte wereld waarin condities continue veranderen. Daarin passen meningen beter. Niet dat het makkelijker wordt. Meningen eisen overtuigingskracht: “Ja, zó zou ík het ook willen”. Sneller gaat er zeer zeker níet van worden. Eerder zal meer tijd nodig zijn om stappen te zetten. Ik betwijfel ten zeerste of dat slecht is.

Lekker chargerend, zie ik een richtingenstrijd. De ‘geobjectiveerde feiten’ versus ‘de meningen’. In tegenstelling tot wat je al snel geneigd bent te denken, zijn de implicaties verdergaand dan de twist ‘bewijsbaar of niet’. Er hangt impliciet ook een wereldbeeld aan – doelgericht of wanordelijk – en ook zaken als ideeën over snelheid van beslissen, over bewijskracht, over autoriteit(swaarde).

Inderdaad. Mijn standpunt leidt er ook toe dat ik vind dat míjn standpunt aangevochten kan worden.

Advertenties

One thought on “Feiten en meningen

  1. Pingback: Maatnemende Nederlanders | "Me dunkt…"

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s