De inertie van de ambtenaar

Burgerlijke ongehoorzaamheid is een mooi begrip, gebruikt door één van mijn voormalige bazen, Kees Schuyt. Hij benoemde de situatie waarin een burger welbewust een wet of regel overtreedt én zich daarna beschikbaar houdt voor een oordeel door een rechter. Burgerlijke ongehoorzaamheid komt daarmee in een traditie te staan van denken in termen van nemen van eigen verantwoordelijkheid.

Dat regels regels zijn, is mooi. Maar regels mogen nooit onaantastbaar zijn. Dat heeft het verleden geleerd; hoe ernstig mis Befehl ist Befehl kan uitpakken. Met die erváring is het voor denkers uit de generatie van Schuyt vanzelfsprekend de makke ‘afhankelijkheid’ ter discussie te stellen.

20130210-194124.jpg

Ik kan me wel vinden in Schuyts houding. Wat mij betreft, doe je wat je wilt. Maar wees dan ook zo volwassen dat je bij snappen de gevolgen accepteert. Ik kan behoorlijk kriegel worden van die kleine mensjes die verkeersovertredingen begaan en dan gaan lopen tieren dat ‘de politie échte boeven moet gaan vangen in plaats van nette burgers achtervolgen’. En dan heb je dus net een overtreding begaan. Die ‘nette burger’ heeft dus in elk geval al een vlekje opgelopen.

Hét nadeel van Kees Schuyts aanpak is dat we heel veel aan de rechtbanken ter toetsing moeten voorleggen. In de jaren dat hij dit promotie-onderzoek deed, was de juridisering wel al begonnen maar nog lang niet zo ver doorgeschoten als nu. Inmiddels lijken we voor alles nieuwe regels nodig te hebben. En al die regels kun je aanvechten en laten toetsen. Dat is veel werk voor de rechterlijke macht.

Toch is het goed die toetsen te blíjven uitvoeren. Daarmee worden alle partijen scherp gehouden. Zeker partijen die zich machtiger wanen dan hun tegenstander hebben de neiging die laatste dan ook maar nonchalant te passeren of van zijn rechten te beroven. Dat zie je bij winkelaankopen en de discussies over garantietermijnen. Dat zie je bij werkgevers en de te volgen ontslagprocedures. Dat zie je bij gemeenten bij WOBverzoeken.

In de marge van zo’n toetsingsproces komen geregeld zaken naar voren die óóḱ de moeite waard zijn om te kennen. Neem die WOBverzoeken bijvoorbeeld.

Journalist Brenno de Winter mag gerust de aanstichter van het geheel worden genoemd. Hij deed informatieverzoeken bij tal van gemeenten. Verzoeken waaraan de gemeenten blijkbaar liever niet wilden voldoen, want De Winter kreeg te maken met gepeperde nota’s (en meer). Het feit dat gemeenten kosten in rekening bracht voor die WOBVerzoeken is tot voor de Hoge Raad gebracht. Dat hoogste rechtsprekende orgaan in Nederland oordeelde dat gemeenten die kosten nooit in rekening mogen brengen. En daarmee krijgen een heleboel muisjes een staartje.

Interessant is echter ook de reactie van de Vereniging van Nederlandse Gemeenten. Die keerde zich vanaf dag één al tegen de journalist. Het is ook nu nog de moeite waard de redenering van de VNGjuristen terug te lezen. Die is, eufemistisch, discutabel. De VNG is ook een slecht belangenbehartiger en slecht verliezer. Als belangenbehartiger kent de vereniging geen bescheidenheid. Dat superioriteitsdenken heeft gevaarlijke trekjes; tegenstand en kritische geluiden worden niet gehoord. Als we wél worden gehoord, is het te laat.

20130210-194113.jpg

Een slecht verliezer is de club ook. Dan wórden de gemeenten duidelijk terug gefloten en wat doet de VNG? Die stelt dat er dan uit andere bronnen financiële compensatie moet komen voor het werk dat de gemeenten doen in het kader van de Wet Openbaarheid van Bestuur.

Dat vind ik dus een stuitende mening van de gemeenten (jazeker, niks VNG. De léden, alle gemeenten, hebben deze mensen gemandateerd en kunnen zich nergens achter verschuilen. Ook jóuw gemeente niet)

Als je dit op Nu.nl leest

Lange tijd moedigde de VNG gemeenten aan om juist wel kosten in rekening te brengen.
Een zegsvrouw van de VNG stelt dat er nu een andere vorm van compensatie moet volgen. Zij wijst erop dat de financiële verhoudingswet eist dat gemeenten recht hebben op compensatie als zij extra werk moeten verrichten. Nu dat niet via een verzoeker kan, moet dat volgens de vereniging anders worden opgelost.

dan kun je maar één conclusie trekken: gemeenten zijn van nature passieve, niet-bewegende apparaten. Immers, voor iedere extra beweging moet separaat worden betaald. Dat is toch te gek voor woorden … dat al die grappen over ambtenaren waar blijken te zijn, dat al die kritiek op de inertie van het ambtelijk apparaat terecht blijkt, dat een óverheid zich liefst niets tot zo min mogelijk aantrekt van een rechterlijk vonnis.

Dat is triest.

De winst is dat bij de gemeenten nu de eerste tekenen zijn gezien van wat in de GGZ ziekte-inzicht heet: een (beginnend) begrip van wat er fout is. Het is zuivere winst de VNG impliciet te horen zeggen dat gemeenten inerte organen zijn. Van daaruit kunnen we gaan werken aan het herstel van de patiënt.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s