Zou je daar willen wonen?!

Het is één van die zinnen die eega en ik veel wissel(d)en tijdens de vakantie. Dat je dan ergens in het Duitse, Engelse of Franse landschap bent en ineens… daar is het… dat idyllisch gelegen huisje. In ons geval vaak gelegen aan een bosrand of op een klif uitkijkend over de zee. Mooi. Prachtige beelden.

Toch is ontnuchtering dan even noodzakelijk. Een beetje zoals in tekenfilms de smoorverliefde hoofdpersoon een vriendschappelijke doch wakkere mep op z’n wang krijgt. Even weer bij zinnen komen aub.

“Ja, leuk. En nu moet je je even voorstellen dat er hier een meter sneeuw ligt. En het dorp is dus
wel vijf kilometer verderop, hè.”

of

“Ja, lijkt me gaaf. Zo’n Fawlty Towers-hotel er van maken. En dan met een vliegende storm de gasten in paniek over al dat gepiep, geraas, gekraak en gejank van dat pand. Heb je gezíen hóe het bovenop die klip staat? …. En al dat schilderwerk! Je bent niet wijs.”

Dat, dus. Het verschil tussen ergens als toerist komen en ergens moeten leven. Hetzelfde verschil als ergens moeten werken of moeten overleven en er een dagje stage lopen. Daarover heb ik al eens geschreven. Dat is net zo afstandelijk als wat een toerist denkt te hebben ervaren. Niets waard.

Maar ondertussen denken toeristen na een korte periode van tussen de tien en twintig dágen een land, een regio, een stad, een wijk tot in alle vezels te hebben doorgrond. Na drie weken trekken door Ierland – míjn droomwens – ben je Ier?! Een stedentrip naar Barcelona en je doorgrondt de Catalaanse volksaard. En, hé, wij raasden ooit door Marokko in een busje met gids en met alleen maar Nederlanders; na die week waren we helemaal op de hoogte van ‘Marokko’. Toch?!

Natuurlijk zijn wel allemaal slim genoeg om te ontkennen dat het zo werkt. Maar ik denk dat de meesten van ons dat gevoel toch wel een beetje – even – hebben: dat je je opgenomen voelt in die andere omgeving. Dat is het échte vakantiegevoel. En soms duurt het maar heel kort. Is het de blik van de caissière bij de Super U, die zich even vergist en je aanziet voor Fransman… tot je moet praten. Is het de olijke Britse landlord die al zoveel toeristen in z’n pub kreeg dat-i weet dat kameraadschappelijkheid goed voor de klandizie is… zonder dat je echt stamgast zult worden.

Niet dat al die indrukken waardeloos zijn. Integendeel. Ze geven je nieuwe perspectieven om ook Nederland eens mee te bekijken. Niet om te vergelijken. Want dat is een suffe fout: een wereld die je van binnen en buiten kent vergelijken met iets wat je alleen maar oppervlakkig ervaart. En toch zijn de indrukken soms overweldigend: dan komen toeristen terug uit een derde wereldland met de melding “dat we het in Nederland nooit meer mogen hebben over armoede, want dat kennen we niet. Dat bestaat alleen daar”. Ai, aii, aiii, wat een waarnemingsfout.

In de meeste gevallen zijn we oppervlakkige beschouwers. Niet omdat we oppervlakkigheid tot norm hebben verheven, maar omdat we niet zijn verweven met de context. Mooie woorden, die zoveel betekenen als dat ik in Marokko nooit zal hebben gevóeld hoe het is daar te leven. Wat ik wel kon, is de prachtige kleuren en heerlijke geuren van het land opnemen. Oppervlakkig, als in een schilderij. Zo waren we jaren geleden in Istanbul en een mooiere stad ken ik niet. Mooi, vanwege de cultuur, de architectuur en vooral – ja, ík ben het – het straat(eet)leven. Grandioos. Maar hoe voelt het als je dagelijks de gegrilde vissen staat te verkopen vanachter je kraam?

Toch ben ik blij dat je als toerist ergens kunt zijn. Want die manier van kijken, heeft ook iets kinderlijk naïefs: je kíjkt en neemt waar, daar waar je thuis waarschijnlijk nooit meer omhoogkijkt naar de daken. Of niet meer ziet wat al die toeristen bij jou in de stad nog wél zien; dat er mooie beelden zijn.

Ik moest daaraan denken toen ik een website tegen het lijf liep met The Top 10 Unusual Homes Around The World. En ‘ongewoon’ is zo’n woord dat op mij een onweerstaanbare aantrekkingskracht uitoefent (inderdaad, Freaks heb ik jarenlang op video gehad, totdat-i werd uitgeleend en nooit meer terugkwam). Na een halfuurtje grasduinen was voor mij de koek wel op. Je krijgt niet echt een gevoel bij die huizen. Het smalste huis. Leuk, maar hoe voelt het je daar te bewegen. En, praktisch, die skate-huizen: hoeveel herrie maakt dat wel niet? Mooi, maar zonder geuren, vind ik deze twee huizen:

20130108-173320.jpg
20130108-173332.jpg

En, inderdaad, ik geloof dat ik er niet in zou willen wonen. Maar móói zijn ze wel.

Morgen toch maar weer eens proberen met ‘de blik van een toerist’ rond te lopen. Wie weet wat me nog gaat verrassen. Hier om de hoek?! Een straat verderop?! Doordat het licht net anders dan anders valt?! Het avontuur is dichterbij dan je denkt.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s