De levens van een plastic tas

Dan zit je in een vreemd huis, met vrienden, te eten en tijdens het kauwen wat naar buiten te kijken. Gesprekken hoor je met een half oor. Buiten is het miezerig weer. Sorry, het is zojuist gaan plénzen. Het beeld buiten verandert onmiddellijk: de voortrazende auto’s zorgen voor een soort van laaghangende mist van opstuivend wegwater. Jammer dat de radio, die het muzikaal behang Top2000 ten gehore brengt, niet een melancholiek harmonicadeuntje tevoorschijn tovert. Soit.

Buiten bereik van de regen zit iemand in de abri. Te wachten op de bus? Schuilend voor de regen? Gewoon moe van het lopen? In het gelige licht van de halogeenstraatlampen maakt het het tafereel meteen een stuk triester. Honderd, tweehonderd meter iedere kant op is geen zijstraat te zien. Desolaat: dat lijkt het woord.

De bui is kort en de man blijkt niet op de bus te wachten, want hij wandelt weg. Hoe je in misschien één, twee minuten kijken iets ziet ontrollen. Hij heeft een plastic tas opgepakt en loopt weg. Langzaam. Met een plastic supermarkttas. Waarom weet ik niet, maar hij wekt de indruk alsof zijn hele hebben en houden, zijn hele leven in die tas zit. En dat in welvarend Nederland.

20121226-204602.jpg

Die plastic supermarkttassen zouden hun levensverhalen moeten kunnen vertellen. Van het moment dat iemand ze van een haak plukte totdat ze eindigen in een verbrandingsoven of hergebruiksmeltinstallatie. Het is nogal wat: moet je die plastic tassen nu wel of niet uitbannen? Dat is een ingewikkelder probleem dan ik dacht. Een overdaad aan plastic tasjes, zoals in Franse supermarkten ooit gewoon was, is het niet. Zoveel was wel duidelijk. Maar wist je dat we ook teveel afval kunnen scheiden? Ik niet. Maar blijkbaar is scheiden van afval weer oorzaak van een nieuw probleem: te weinig brandstof voor de vuilverbranders. Die voegen daarom dus brandstof toe. Heel bijzonder.

Gelukkig heeft zowat iedere Nederlander thuis wel een plastic tas vol met plastic tassen hangen. Voor “het geval dat”, of om in de prullenmanden en vuilnisbakjes te hangen. Ook handig in de auto als je kleine kinderen hebt. Je weet nooit wie wanneer waarom wagenziek wordt. Of teveel kleefsnoep in z’n mond propte.

20121226-204611.jpg

Op die manier wordt het leven van de plastic tasjes toch best wel maximaal benut. Met uitzondering van de tasjes die onmiddellijk scheuren omdat er iets in zat dat scherpe randjes heeft, kun je er best lang mee doen. Als je ze niet teveel belast. Dat zou nog een vernieuwing zijn: plastic draagtassen met een handgreep die met verkleuring aangeven of ze te zwaar belast worden of nog veilig zijn. Daarmee voorkom je de ellende van de loslatende ingeplakte handgreepversterkers. Dan houd je een tas over met een greep die steeds langer wordt. Langer, langer, langer totdat-i ‘knap’ zegt. Moet je opletten: je zult zien dat er dan net iets van glas in zit. Of zo’n plastic bekertje vloeibare slagroom. Vla?!

Wat doe je dus. Zo gauw je het tasje niet helemaal meer vertrouwt, mik je het weg. De vuilnis in. Zonder dat je echt zéker weet of-t-i het niet misschien toch nog een poos had volgehouden. Zonde, eigenlijk.

Hoe langer ik erover nadenk. Waarom hébben we eigenlijk dat soort van plastic tassen nog niet? Voor het collectief, de samenleving, is het vast beter. Voor de individuele winkelier mogelijk niet. Maar waar gaat het eigenlijk om: hem of ons?

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s