De wijsheid van Ali B.

Een echt heel erg groot fan van Ali B. zal ik niet snel worden. Het lijkt me een aardige jongen. Maar rap en hiphop… nee, dat vind ik niks. Wellicht dat ik daarom ook niet zo’n hoge waardering geef voor Ali B. Op Volle Toeren. Het verhiphoppen van bestaande ‘klassiekers’ vond ik in de helft van de gevallen absoluut geen toegevoegde waarde hebben.

Even tussendoor en voor de duidelijkheid: anders is het als je in het programma naar de gesprekken luisterde. Wat mij daarin opviel, is de generatiekloof. Muzikanten die in de jaren zestig, zeventig en wellicht nog tachtig nog populair waren, waren dat voor Ali en zijn kornuiten absoluut niet. En waarom ook? In dat verband: zoiets als de Top2000 leidt ook aan zo’n vanzelfsprekende, onuitgesproken, ontkende(?) oriëntatie op die periodes. Alsof er daarna niets meer gebeurde.

20120930-193413.jpg

Maar goed. Ali B. had ik een beetje geplaatst in de categorie charmante en zo op het oog vriendelijke mensen. Of hij dat in werkelijkheid echt ís? Geen flauw benul. Maar hij kan wel de indruk wekken zichzelf te blijven en te zeggen wat hij denkt. Een soort van Frans Bauer. Maar dan anders.

In de afgelopen week was Ali B. te gast bij De Wereld Draait Door. Daar ging het gesprek over de kwaliteit van Zomergasten en de kwaliteit van de presentator, Jan Leyers. Die gesprekken hebben inmiddels de status van ongeloofwaardig ritueel bereikt, zo vaak als dat ze jaarlijks worden gevoerd met hetzelfde type opmerkingen. Alsof Nederland in de zomer op zoek is naar die ene superpresentator. Net zoals Nederland dan smachtend wacht op die ene superzomer, die iedereen zal heugen als dé zomer. En waarvan we eigenlijk allemaal weten dat-i niet bestaat.

20120930-193438.jpg

In die situatie kwam Ali B. heel treffend uit de hoek, en eigenlijk ook snoeihard naar al die critici die Jan Leyers ’t een of ’t ander verweten. Naar Ali’s mening is Zomergasten, een gesprek tussen twee personen, een verantwoordelijkheid van béiden. Dat er één gastheer is en de voortgang bewaakt, ontslaat de ander niet van zijn verantwoordelijkheid openingen te bieden voor het gesprek.

Dat is een wijs standpunt. Als je akkoord gaat met zo’n gesprek, dien je ook bereid te zijn iets van jezelf bloot te geven. In tegenstelling tot een kruisverhoor, wat meestal onvrijwillig plaatsvindt, gebeurt dit geheel vrijwillig en met een bekende intentie. Ali heeft dan ook helemaal gelijk als hij stelt dat ook de gast een verantwoordelijkheid heeft.

Het aardige is dat de uitzending van De Wereld Draait Door ook scripting aanstipte, zoals gebruikt in gespeelde documentaire-achtige programma’s. Alhoewel de bedoeling is een ongeregisseerde registratie te insinueren, is álles uitgeschreven en geregisseerd. Blijkbaar is het eenvoudiger de ‘werkelijkheid’ naar je hand te zetten dan hem echt te registreren. En da’s een hellend vlak.
Begint dat met een onschuldige ‘herhaling van zetten’ vanwege een beter plaatje of geluid; het kan eindigen met een gesimuleerde situatie die slechts heel zwakke ankers in de werkelijkheid heeft. Motivatie kan uiteraard best kostenbeheersing zijn, maar nadat een eerste keer de werkelijkheid is aangetast is voor een neutrale kijker de integriteit in zijn algemeenheid aangetast. Want, ja, wat is dan nog waar?

Het zal voor echte documentairemakers steeds moeilijker worden te overtuigen. De kans is groot dat kijkers steeds meer op voorhand wantrouwig gaan worden. Maar wat ook wellicht zal gebeuren, is dat de eisen die kijkers stellen aan documentaires steeds hoger worden: ‘Geen mooie opnamen van wilde dieren? Geen ultra slowmotion van insecten? Dan kijk ik niet. Dan is ’t niks.’

Wat dat betreft, heeft Ali B. meteen een vraagteken geplaatst bij het aloude uitgangspunt ‘wat ik zie, is waar’. Want hoe waar, ís waar?

20120930-193503.jpg

Advertenties

Leg me ‘ns uit

Kijk. Daar heb je weer zoiets wat ik niet (goed) snap.

Medicijnen.

Tegen mijn rugpijn kreeg ik ooit diclofenac. Op doktersvoorschrift. Tegen de jicht krijg ik tegenwoordig ook diclofenac. Op doktersvoorschrift. En nee, maak je geen zorgen: ik gebruik ze zeer af en toe. Want de huisarts maakte me duidelijk dat diclofenac dan wel een goede en stevige pijn- en onstekingsremmer is, maar ook mijn maagwand nogal kan slopen. Overigens gaat dat ook op voor Brufen. En, tja, dat gebruik ik dan weer wel vaker. Het is nooit goed. Ik troost mezelf met de gedachte dat ik vanwege maagklachten al tijden iets gebruik om mijn maagwand te beschermen.

Maar ingewikkeld is het wel. En, belangrijker, niet ongevaarlijk. Nu gaat dat in principe voor alle medicijnen op, maar dit soort van waarschuwingen maakt het toch wat serieuzer in de oren van een patiënt.

20120929-194238.jpg

Nu dan de idioterie.

De diclofenac is ook gewoon verkrijgbaar bij de drogist, als zelfzorgmedicijn. Goed, een lagere dosis. Maar de lol is – uiteraard – dat wij, klungels als we zijn, gewoon méér innemen om toch goede pijnstilling te krijgen.

Maar nog idioter: hoe gaan we verklaren dat een medicijn op moment A uitsluitend op doktersvoorschrift is te krijgen blijkbaar op moment B zodanig veilig is dat leken er zonder doktersadvies mee kunnen omgaan? En gebruik nu niet de dosering als verklaring, want ook dan blíjft staan dat diclofenac – en andere – gewoon beschikbaar zijn, terwijl dat daarvoor ook in lagere dosering niet zo was. De enige conclusie die overblijft, is dat kosten c.q. een verlopen patent de reden is.

Persoonlijk vind ik dat een volslagen zotte toestand. De patiënt, de consument wordt niet serieus genomen en krijgt ook ‘maar wat’ voorgeschoteld. Het vertrouwen in een medische stand, waarin zowel medici als producenten en wederverkopers, dondert zo wel naar beneden. Blijkbaar is de reden om via doktersvoorschrift te werken helemaal níet primair mijn gezondheid(sbescherming).

Indien je internationaal gaat kijken, worden deze verhalen nog veel leuker. Kosten voor dezelfde medicijnen die uiteen lopen over verschillende landen. Of iets als Otrivin (neusdruppels en -spray) dat je in Nederland onbeperkt kunt kopen – om je neusslijmvlies te slopen of verslaving op te lopen, bij overgebruik – maar dat in Frankrijk een doktersvoorschrift eist.

Kortom, weer zo’n raadselachtig, bevreemdend fenomeen.