De kracht van etensgeuren

Soms valt je ineens iets op. Zo’n onbetekenend detail. Of een geluid. Een geur.

Vandaag liep ik door een buitenwijk van de stad. Je kent ze wel van die ‘nondescriptieve’, zeg maar gerust onooglijke, woningen, die elkaar aanstaren van beide zijden van de straat. Van die kraak noch smaak-straten. Waar ook overdag veel auto’s geparkeerd staan – hetgeen ook een overdenking waard is: waarom staan die daar? Zijn er zóveel mensen ‘thuis aan het werk’?. In elk geval; zo’n wijk dus.

En ineens was-i er: die vleug.

Geen pikant-verleidelijk vleugje parfum of een onbestemd geurtje. Nee, dit was een géur. Waar hij vandaan kwam, weet ik niet. Maar ineens werd m’n neus getroffen door sterke etensgeuren. Vraag me niet wát ik precies rook, want dan moet ik zeggen dat het leek op een combinatie van spruitjes en indisch eten. Met andere woorden: geen idee. Maar het was overduidelijk een etensgeur. Op straat.

Op dat moment realiseerde ik me dat ik eigenlijk nog maar heel zelden etensgeuren ruik op straat. Dat was in mijn jeugd – jaren zestig en zeventig – wel anders. In het portiek van de flat waar we woonden, kon je zo tegen zessen bijna precies ruiken wie wat zou gaan eten. Dat lag vooral aan de huizen. Want een paar verhuizingen later kwamen we in een nieuwbouwhuis terecht waar die geuren al stukken minder duidelijk waren. En tegenwoordig… lijken ze helemaal verdwenen uit het straatgeurbeeld.

Het lijkt me in alle gevallen interessant om eens te horen hoe jij je de omgeving uit je jeugd herinnert in geuren, kleuren en geluiden. Dat tekent een tijdsbeeld.

20120718-175134.jpg

Voor mij horen bij ‘mijn tijd’ bijvoorbeeld naast die etensgeuren ook het stampend-monotone dreunen van heimachines en de geur van asfalteringsmachines. In de vroege jaren zestig was de wederopbouw immers nog steeds bezig en vlógen de woningen de grond uit – om overigens jaren later met bijna dezelfde snelheid ook weer te verdwijnen, zo slecht waren ze gebouwd met die snelheid – en kwamen er meer luxe-wegen van glad-zoemend asfalt in plaats van tanden-stuiterende klinkers. En inderdaad, véél auto’s waren er nog niet.

20120718-175142.jpg

Als ik dan door zo’n straat loop en ineens die geur oppik, dan schiet nóg een gedachte binnen: wat ervaren we eigenlijk nog van de straat? ‘Op straat spelen’ doe ik al een poosje niet, da’s waar. Maar toch lijkt het alsof de straat steeds minder indruk maakt. Ik realiseer me dat ik dat alleen maar kan waarnemen vanuit mijn eigen ervaringen en dat ik dus vergelijk met het verleden. Dat wordt dus wachten op de eerste bloggers die over dertig jaar gaan bloggen over hún herinneringen.

Tot die tijd wacht ik … op geuren, geluiden, kleuren, herinneringen.

2 thoughts on “De kracht van etensgeuren

  1. “”Vandaag liep ik door een buitenwijk van de stad. Je kent ze wel van die ‘nondescriptieve’, zeg maar gerust onooglijke, woningen, die elkaar aanstaren van beide zijden van de straat. Van die kraak noch smaak-straten. Waar ook overdag veel auto’s geparkeerd staan – hetgeen ook een overdenking waard is: waarom staan die daar? Zijn er zóveel mensen ‘thuis aan het werk’?. In elk geval; zo’n wijk dus.”‘…. We zijn toch niet Leiden-Noord aan het afzeiken he, meneer van der Sluis? …. 🙂

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s