De dode ogen van een stad

Dickens kon dat zo verschrikkelijk mooi. Zijn talent om sferen neer te zetten, is iets waarop ik stinkjaloers ben en blijf. Overigens is Dickens – uiteraard – niet de enige die dat kon (lees vooral ook Orwell’s Down And Out In Paris And London). Maar zijn boeken deden mijn fantasie altijd verdwijnen naar, vaak, Londen eind 19de eeuw. Dat is de periode van de Industriële Revolutie. De periode waarin steden worstelen met de overgang van kleinschalige nijverheid naar grootschalige industrieën. De meeste steden piepten en kraakten onder die verandering. In sociaal opzicht, want er ontstaat een nieuwe stand, die van de fabrieksarbeiders. Maar minstens zo heftig was het effect op de gebouwde omgeving: wonen en werken werd uit elkaar getrokken, én dat nieuwe werken deed men in omgevingen die wij nu mensonwaardig zouden noemen.

20120526-150831.jpg

Schrijvers als Dickens hebben die ontwikkeling van zeer nabij meegemaakt. Wat hij later in zijn boeken beschrijft, is dan ook een redelijk nauwkeurig verslag van de leefomstandigheden.
Nauwe stegen, overvolle woningen, ongedierte links, rechts, boven en beneden. En dat alles onder de rook van fabrieken. Die veranderingen gingen zó snel dat het niet verwonderlijk is dat de samenleving er stuiptrekkingen aan overhield, variërend van snel groeiende misdaad en diepe armoede tot en met enorme rijkdom en nieuwe inzichten. De kloof tussen sociale groepen is zelden zo diep geweest als toen.

Misschien is het mijn fascinatie voor die stijl van schrijven en voor dat onderwerp dat mijn waarneming vertroebeld. Maar als ik nu door een stad als Leiden, waar ik woon, loop, dan zie ik steeds meer lege winkelpanden. De stad staart me aan met lege (winkel)ogen zoals een doodziek mens dat ook kan doen. ‘Te huur’, ‘opheffingsuitverkoop’, ‘te huur’, ‘te koop’, ‘sale’, ‘verhuisd naar’, ‘te huur’, ’50, 60, 70% korting’ … de lege panden met hun troosteloze resten aanplakbiljetten rijgen zich bijna aan elkaar zoveel zijn er.

Met wie ik het erover had op de Instagramwalk071 weet ik niet meer, maar wel dat we tot de conclusie kwamen dat een stad al het mogelijke zou moeten doen om leven in de brouwerij te houden. Stimuleer eigenaren om die lege panden voor mijn part in brúikleen te geven aan beginnende ondernemers. Maar doorbreek die neergaande spiraal van een stervende stad.
Het is een illusie, ik weet ‘t. Want zoals zo vaak gaat het ook nu helemaal niet om het sociale weefsel dat de stad vormt. Het gaat om euro’s, om huurpenningen. En als het voor een individueel (eigenaars)belang interessanter is om een pand leeg te laten staan, dan doen we dat.

Het schip heeft de wal al geraakt. Binnen een paar maanden horen we het kraken van de romp dat het gevolg is van de krachten die er op werken. En zo rond de jaarwisseling keert de wal het schip.

Zou dat de toekomst zijn?

Advertisements

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s